Over de Download

In deze samenvatting staan alle spellingsregels die je zal moeten leren tot in de 2e van het gymnasium. Zelf kreeg ik al deze regels in groep 8, in de brugklas en weer in de 2e (van het gymnasium). Mijn broertje zit in groep 8 en vond mijn samenvatting super handig! Hij heeft dyslexie maar haalde met de regels uit mijn spellingsamenvatting toch een 6,5 voor zijn spelling en was super blij!

De spelling samenvatting is een Word document van 6 pagina’s. Om een goede indruk te geven heb ik hieronder enkele paragrafen uit de samenvatting weergegeven.

Ik heb de samenvatting helemaal zelf geschreven en haal altijd hele goede cijfers voor Nederlands. Veel regels zijn goed te begrijpen, als je eenmaal de bedoeling snapt. Andere regels zijn gewoon: “leer de uitzonderingen”, achter deze regels heb ik een sterretje gezet.

De regels in de samenvatting zijn:

– persoonsvorm tegenwoordige tijd
– persoonsvorm verleden tijd
– voltooid deelwoord
– infinitief
– zinnen met 2 onderwerpen en gezegdes
– werkwoorden uit het engels
– hoofdletters en kleine letters
– woorden met lastige klinkers*
– meervoud van zelfstandige naamwoorden
– verkleinwoorden
– tussenletter(s) in samenstellingen
– m en de n klank*
– liggend streepje
– trema
– apostrof
– de l-klank*
– bijvoeglijke naamwoorden
– alle(n) & beide(n)
– afkortingen*
– weglatingstreepje
– p, pp, r & rr*
– andere lastige gevallen*

Nederlands spelling samenvatting voor groep 8, de brugklas en de tweede klas van de middelbare school

Als er nog vragen zijn na de samenvatting, neem dan even contact met me op via de berichtensectie op mijn pagina. Ik zal mijn best doen zo snel mogelijk te reageren. Ik kan ook dingen op verzoek maken, stuur dan ook even een berichtje.

Voorbeeld van de inhoud van mijn Nederlandse spelling samenvatting voor groep 8, de brugklas, en de 2e klas van de middelbare school (bij mij het gymnasium):

Pv tegenwoordige tijd
Meestal stam door –en weg te laten.
Bij veel werkwoorden spelling stam veranderen om ik-vorm te krijgen. Bijvoorbeeld:

Slapen- ik slaap (letter toevoegen)
Reizen-ik reis (z wordt s)

• Je gebruikt de ik vorm als ik voor of achter de pv staat of als jij (of je) erachter staat.
• Bij: jij, je, u, hij, zij, ze, en het gebruik je ik-vorm+t.
• In het meervoud schrijf je altijd het hele werkwoord.

Pv verleden tijd
Meestal kan je horen hoe je een werkwoord in de verleden tijd moet spellen.
Klankveranderende (sterke) werkwoorden spelling makkelijk:
Sluipen-ik sloop, wij slopen

Ook klankvaste (zwakke) werkwoorden kan je meestal horen.
Twijfel? : ’t kofschip :
Zuchten t in ’t kofschip ik zuchtte / wij zuchtten
Rennen n niet in ’t kofschip ik rende / wij renden

Spelling van het voltooid deelwoord en de infinitief
Het voltooid deelwoord:

Het voltooid deelwoord van een sterk werkwoord endigt meestal op –en.
Daarom is de spelling gemakkelijk:
(heeft) uitgegeven

Het voltooid deelwoord van een zwak werkwoord eindigt op een t of een d.
Je kan niet horen wanneer je een d schrijft want die wordt uitgesproken als een t:
(heeft) getobt

Er is een hulpmiddel:
1. De pv verleden tijd, daar een t/d bij voltooid deelwoord ook

De infinitief

Het infinitief = de woordenboekvorm
Infinitief = geen pv meervoud

Zinnen met twee onderwerpen en gezegdes
Arno beweert nu opeens dat hij zoiets onverstandigs nooit beweerd kan hebben.

Pv: ik-vorm + t
Voltooid deelwoord: d omdat verldedentijd beweerde is.
let altijd op met wat voor ww je te maken hebt: dan regels ww spelling makkelijk toepassen.

Verkleinwoorden
Meestal kan je horen hoe je het verkleinwoord schrijft.

Bij zelfstandige naamwoorden die eindigen op de heldere klinker a, é, o en u, moet je de klinker verdubbelen. Pyjama-pyjamaatje

Saté-sateetje

Kano-kanootje

Paraplu-parapluutje

Bij zelfstandige naamwoorden op –i schrijf je –ie- en bij woorden op –y (met een medeklinker ervoor) schrijf je y’ Ski-skietje

Lolly-lolly’tje

Diskjockey-diskjockeytje

Bij cijfer en letterwoorden schrijf je –‘tje. Wc-Wc’tje

A4-A4’tje

Bijzondere gevallen Chocola(de)-chocolaatje

Machine-machientje

Jongen-jongetje

Koning-koninkje

Tussenletter(s) in samenstellingen
Tussenletter(s) –(e)n-

Zet-en- bij samenstellingen waarvan het eerste deelalleen een meervoud heeft op –n- of –en-

Uitzonderingen:

-Van het eerste deel bestaat er maar 1

-Het eerste deel is niet meer herkenbaar als apart woord. Of het hele woord is niet meer herkenbaar als samenstelling of het is geen samenstelling.

Invalidenparkeerplaats, hondenhok, paardenbloem

 

Koninginnedag, zonnebank, maneschijn

Schattebout, dageraad, apekool

Schrijf geen –n- als het eerswt deel van de samenstelling eindigt op de e ( van de) en een meervoud heeft op een –n +-s- Seconden, secondes, secondewijzer

Groenten, groentes, groentezaak

Schrijf geen –n- bijde volgende samenstellingen:

-Als het eerste deel alleen een meervoud op een s heeft

-Als heteerste deel van een werkwoord komt

-Als de samenvoeging een bjvoegelijknaamwoord is en het eerste deel geen zelfstandignaamwoord ismaar een versterkend woord

 

 

Aspergesoep, garagebedrijf

 

Spinnewiel, brekebeen

Boordevol (erg vol), beresterk (erg sterk)

Regel tussen –s-
Je schrijft een –s- wanneer je hem hoort. Let op: als het tweede deel begint met eensisklank, c,ch,sch, z, j kun je de tussen –s- niet horen. Zoek dan een andere samenstelling waarbij je hem wel kan horen.
Stadsverkeer-stadscentrum
Personeelsbeleid-personeelschef

€2,00 – Kopen